Stel je het volgende geheel in gedachten voor
(Niet tekenen of schrijven, gebruik enkel je verbeelding.):
Neem twee kubussen in gedachten. Deze zijn van elkaar gescheiden door een staaf door het
midden. (Als een soort halter) Verbeeld je dat deze halter voor je zweeft, een van de twee
kubussen dicht voor je, de ander -verbonden door de staaf- verder weg van je.
Nu is de kubus vlak voor je rood gekleurd, de andere -verder weg- is blauw.
Stel je nu voor dat het geheel begint te draaien, waarbij de rode kubus naar beneden beweegt, en
de blauwe kubus naar boven. Tot het geheel in een verticale stand komt, waarbij de rode kubus
onderaan komt te hangen, en de blauwe kubus boven.
Herhaal deze beweging, eind over eind, drie maal, startend met de positie waarin de rode kubus
onderaan hing, en de blauwe kubus bovenaan.
Wat is nu de positie van naar keuze welke kubus, rood of blauw? |